Ik doe dus mee aan de chicklitwedstrijd van Chicklit.nl. Ik heb een proeflezer die het van commentaar voorziet, alleen het is de doelgroep niet. Het is een jongeman haha
. Binnenkort gaan de eerste tien hoofdstukken ook naar Larissa die voor mij ook proef gaat lezen.
Ik denk niet dat ik ga winnen, maar ik kan het altijd nog naar een andere uitgever sturen.
Of in een burealade stoppen, al is dat zonde van het werk natuurlijk.
Dit is mijn eerste chicklit. Ik heb fantasy, thrillerachtige schrijfsels en drama in de kast liggen, maar chicklit lag daar nog niet. Nu wel.
Ik heb besloten om hier ook een stukje (misschien meerdere stukjes) te gaan posten. Niet alles, want stel – het is een kans van 1 op de 100.000 ofzo – dat mijn chicklit toch goed is. Dan koopt niemand hem natuurlijk meer, haha.
Ik gebruik de chicklit schrijven voor het verkrijgen van de vrije studiepunt die ik dit schooljaar moet halen
Dit is een stukje uit hoofdstuk 1
Merel is de hoofdpersoon. Mike is haar baas en Sofie een van haar collega’s. Het speelt zich af op de redactie van het tijdschrift Rebelle (bestaat niet ;))
Sofie is mooier en dat weet ze. Ze weet dat ik geen concurrentie op dat vlak vorm, maar ze doet wel naar. Misschien is ze bang dat ik slimmer ben, maar daar hoeft ze niet bang voor te zijn. Ik ben maar de stagiaire en ze werkt hier al vijf jaar, zolang als het bestaat. Waarom zou ze dan bang moeten zijn dat ik haar plek inpik? Mike zal me toch nooit voor vast aannemen, ik ben niet mooi genoeg. Mike neemt alleen mooie mensen – vooral vrouwen – aan. Op de redactie van Rebelle loopt geen lelijk iemand rond. Niemand. Zelfs de twee jonge mannen van de ict-afdeling zijn mooi. Ik ga op mijn tenen staan om op die manier mijn billen te bekijken, om ze dunner te wensen, om ze zo dun als die van Sofie te krijgen. Ik weet alleen dat het geen zin heeft. Om ze zo dun als die van haar te krijgen, moet ik in de sportschool gaan wonen. De spiegel hangt te hoog. In de gang hangen een paar lange spiegels, maar daar kan ik niet uitgebreid staan kijken. Alle afdelingen kijken uit op die gang.
Ik doe nog een poging om ze te bekijken, alleen dan verlies ik mijn evenwicht. Als in slowmotion zie en voel ik mezelf vallen. Een doffe bons en een scherpe pijn door mijn enkel zijn het teken dat ik op de grond beland ben.
Ik vervloek mezelf, omdat ik weet dat ik niet goed ben in evenwicht bewaren. Niet op hakken, maar ook niet op platte schoenen. Er zijn heel wat keren geweest dat ik gewoon omviel zonder er iets voor te doen.
Ik vervloek de hakken aan mijn voeten, omdat ik er gewoon niet op kan lopen. Ik krabbel overeind. Alleen de pijn in mijn enkel maakt het onmogelijk om rechtop te blijven staan en ik laat me weer zakken. Hoe kom ik weer terug op mijn plek? Hoe kom ik thuis? Heb ik hem gebroken?
De vragen buitelen over elkaar heen in mijn hoofd, maar er komt geen antwoord. Dan vliegt de deur open. Mike stapt naar binnen en dan gaan zijn ogen naar mij toe. Verbaasd kijkt hij naar mij op de grond.
‘Geweldig, dat kan er ook nog wel bij. Waarom stapt hij binnen en niet iemand anders?’
“Waarom zit je op de grond, vogeltje?”
Meteen de eerste dag kreeg ik een nieuwe bijnaam van Mike: Vogeltje.
Ik haat bijnamen, maar dat heb ik nooit tegen Mike gezegd. Hij schijnt nogal grillig te zijn. Ik heb mijn mond gehouden en geglimlacht.
Sofie noemt me Mereltje en Mike Vogeltje. Ik vind beide namen niet erg fijn, maar als ik moet kiezen, dan klinkt Vogeltje beter. Misschien wel omdat het Mike is.
“Omdat…”, zeg ik, terwijl ik geen idee heb wat ik verder kan zeggen.
‘Omdat ik mijn billen wilde bekijken en ze slanker wilde wensen.’
“Omdat ik uitgleed”, zeg ik en ik haal mijn schouders op. “Alleen ik heb een zere enkel en ik kan er niet meer goed opstaan.”
Mike steekt zijn hand uit naar me en ik pak hem dankbaar aan.
“Leun op mij.”
Het is een bevel, maar ik volg het maar al te graag op.
Posted by Liz on April 17th, 2009 :: Filed under
LetterbendeTags ::
chicklit,
doffe bons,
hakken,
merel,
Mike
Reacties van: Patterd TC.