Schrijfzondag: Missie Leugenaar

Schrijfzondag: Missie Leugenaar

Ik leunde naar haar toe en nam een klein slokje van mijn champagne. Vooral niet teveel, herinnerde ik mezelf. Ik, Sofia Inge Lauren, was op een missie. Eentje die moest slagen, want ik wilde de waarheid achterhalen. De waarheid tussen haar en hem en er was maar één mogelijkheid waarop dat zou lukken. Als ik teveel dronk, zou het niet bijdragen aan het slagingspercentage.

Het liefste wilde ik mijn drankje in de inkijk in haar topje – ‘Zijde en een echte Prada!’ had ze gegild toen ze binnen was komen stormen – gooien, maar ik hield me in. Dat zou ik mogen achteraf als alles waar was. Als alles waar was. Voor nu moest ik doen of ik gek was en het geweldig vond om in het bijzijn van Marie-Claire te zijn. Tot ze dronken was en alles los zou laten wat ik wilde weten.
‘Ik weet zeker dat pappie mij het jacht leent van de zomer en dan kunnen we naar Saint-Tropez varen.’ Ze ging verzitten en nam een slok, duidelijk groter dan die van mij.
Mooi zo.
‘Hij moet zelf toch werken dus kan hij er geen gebruik van maken. En hoe kan hij zijn lieve dochter,’ er volgde een hoop wimpergeknipper en een paar giechels,’ook maar iets weigeren?’
Hij kon haar niets weigeren, daar was ik al eerder achter gekomen. Marie-Claire was verwend tot op het bot en verwachtte dat iedereen naar haar pijpen danste. Iedereen, ook haar vriendinnen. En de vriendjes van haar vriendinnen.
Ik proefde gal bij die gedachte. Vriendjes.
‘Jij gaat ook mee toch, Sofia?’ Ze kantelde haar hoofd, terwijl ze met een met een kleine glimlach aankeek.
‘Natuurlijk. Waarom zou ik niet meegaan?’
Ze haalde haar schouders op en duwde haar schouderlange blonde haren naar achteren. Opnieuw slikte ik. Nog steeds wilde ik haar een klap geven, haar een champagne-doop geven. Maar in plaats daarvan nam ik nog een klein slokje, terwijl zij het halve glas achterover goot en meteen een nieuw glas inschonk. Ook dat was verdwenen in een mum van tijd.
‘Geen idee,’ zei ze en haar woorden leken te dansen op haar tong, een beetje wiebelig, maar nog verstaanbaar. ‘Je doet anders dan normaal. Zo drink je normaal meer.’ Ze knikte haar het glas voor mijn neus.
‘Ik moet nog rijden en ik heb geen zin om mijn rijbewijs kwijt te raken. Niet voor een glas champagne teveel.’ Ik leunde op mijn ellebogen, nog iets verder naar haar toe.
Ze gaf een klapje op mijn arm en grijnsde breed naar me. ‘En er is niets anders? Echt niets?’
Nu kwam het erop aan, nu moest ik de oogst binnenhalen die ik gezaaid had. Ondanks alles sloeg mijn hart, ook al was het niet meer dan terecht dat ik haar dit voor de voeten gooide. ‘Nu we het er toch over hebben als vriendinnen, wil ik een ding van je weten. En ik wil dat je niet liegt.’
Er ontsnapte een giechel uit de mond van het andere meisje aan de overkant van de tafel. Iets dat ze deed als ze iets voor elkaar wilde krijgen. Of als ze zenuwachtig was. ‘Wat is er?’
‘Heb je Charlie gekust vorige week? En je hoeft niet te liegen, want ik weet het. Ik wil het alleen uit jouw mond horen.’
Ze slikte en knikte toen, maar ze keek me niet aan. ‘Het spijt me zo erg, maar ik was dronken en …’
De rest hoefde ik niet te weten, want mijn missie was volbracht. Ik wist genoeg. Eigenlijk had ik verwacht dat ze zou liegen, maar niets van dat alles. Ze had gewoon geknikt. Ze knikte nog steeds.
Ik draaide me om en beende weg. Op naar de volgende missie: mijn vriendje ermee confronteren.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge