Schrijven: Herschrijven

Schrijven: Herschrijven

Als je eerste versie van je verhaal af is en je wil er meer uithalen, dan kom je er niet onderuit: herschrijven. Je zult op een bepaald moment moeten bepalen wat je gaat veranderen en hoeveel. Bij de meeste mensen zijn de eerste versies shitty en dat mag ook. Het op papier krijgen, is al een hele grote (en belangrijke) stap die genomen moet worden. Als je creeërt, moet je je niet bezighouden met mooie taal, maar met het uit je hoofd op papier krijgen.

Vaak kom je er in een eerste versie ook achter wat je wel en niet wilt met je verhaal. Misschien wil jij kant A op, maar blijkt dat helemaal niets te zijn. En dat is niet erg, want op deze manier kom je er achter.

Hoe wil je gaan herschrijven?
Ik heb een hekel aan herschrijven, ik vind het echt vreselijk om te doen. Vaak eindig ik met een half verhaal waarbij ik alleen maar zeg: ‘dit is slecht, dit is slecht, slecht, slecht.’ Maar daar moet je doorheen. Want ja, het zal slecht zijn, maar er zullen ook goede punten in zitten. Belangrijk is het voor jezelf om te bepalen hoe je wilt herschrijven. Ga je alleen grammaticale fouten eruit halen of ga je ook het plot omgooien?

In dit artikel een aantal zwakke punten die (bijna) elke schrijver wel maakt tijdens een eerste versie en die eruit moeten in de herschrijving.

Inconsistenties
De belangrijkste van het lijstje. Als je werkt zonder outline, zul je vooral hier mee te maken krijgen. Een outline is niets meer dan een schema wat wanneer gebeurt. Wanneer je deze niet gebruikt, zul je dus fouten tegenkomen. Als personage A in zin 1 in Amsterdam is, kan ze in zin 2 niet ineens in Londen zijn (behalve als dit bij je verhaal past). Gelukkig kun je dit fixen in je herschrijving.

Opvulscenes
Opvulscenes zijn de scenes die niets toevoegen voor het verhaal en er eigenlijk wel uitkunnen. Allemaal hoeft niet, maar de helft kun je best schrappen om te voorkomen dat je boek duizend pagina’s dik wordt. Belangrijk is dat 95% van je scenes er iets toe doen, dat die iets voor het plot doen. Anders kunnen ze er beter uit, hoe jammer soms ook.

Kill your darlings
Soms heb je een geweldig personage, maar die helemaal niets toevoegt aan het verhaal. Die kun je dus eigenlijk wel uit het verhaal gooien, hoe jammer dat soms ook is. Soms kun je niet anders. Je kunt jezelf bij elk personage afvragen of je hem of haar nodig hebt. Zijn ze belangrijk voor het plot, voor de hoofdpersoon, of allebei? Of voegt het niets toe?
Teveel personages kan vervelend zijn.

De groei van je personages
Elk personage – hoe onbelangrijk ook – groeit gedurende het verhaal. Er gebeuren dingen waar je karakter iets mee doet en dat doen hem anders naar dingen kijken, dat zorgt ervoor dat zijn kijk op de wereld verandert. Vraag jezelf af hoe hij gegroeid is en waar dit aan te merken is? Is het zijn gedrag? Doet hij nu anders tegen de oude buurvrouw?

Natuurlijk is het geen moeten, maar lezers houden ervan om een personages te zien veranderen, misschien wel leuker te zien worden. Dus het is aan te raden. Dit zorgt ook voor diepere personages en de reden waarom ze dingen doen zoals ze ze doen. De lezer voelt meer weet als hij weet waarom Katie altijd zo eigenwijs is. De lezer moet om het personage gaan geven, moet verder willen lezen.

Niet teveel dezelfde beschrijvingen
Soms beschrijf ik iets wel drie keer. Dat is vrij nutteloos, dus kies de beste en delete de rest. Een lezer hoeft niet twintig keer hetzelfde te lezen, want dat gaat vervelen.

Bij beschrijven is het belangrijk dat je wel dingen noemt. Denk aan de vraag: Hoe ziet het eruit als je ergens voor de eerste keer bent? Misschien zie je geen grote dingen, maar voel je de sfeer wel aan. Die dingen zijn heel anders wanneer je ergens voor de tiende keer bent. Misschien zie je nu meer details of dingen die niet kloppen. Dit geldt ook voor het beschrijven van personages.

Beschrijf niet teveel achter elkaar, maar probeer het door de tekst te weven zodat het geen ellenlange lap aan informatie wordt. En een lezer hoeft echt niet helemaal te weten hoe een personage eruit ziet. Iedereen vormt uiteindelijk toch zijn eigen beeld.

Plot
Het belangrijkste aan herschrijven is dat je plot klopt. Daarvoor kun je de volgende vragenlijst checken:
Is er een aanzet tot het verhaal? Waarom begint het verhaal daar? – Dit moet in de eerste 25% van het boek gebeuren
Is het midden duidelijk?
Heeft mijn hoofdpersoon een zwak moment en zorgt dat ervoor dat hij/zij in actie komt?
Heb ik een hoogtepunt?  – Dit moet in de laatste 25% van het boek gebeuren
Heb ik een oplossing die logisch is? – Dit zit in de laatste pagina’s of in het laatste hoofdstuk.

Grammatica, kromme zinnen en foute punten
En natuurlijk is dit ook een belangrijk punt wanneer je herschrijft. Nu laat je de spelfouten natuurlijk niet zitten, want een lezer/uitgever die het onder ogen krijgt, denkt misschien wel: wat een slechte schrijver. En dat zou zonde zijn.
Op papier zie je dit soort fouten veel beter dan op een scherm, vind ik. Ik vind het prettig om dit soort dingen aan te strepen op papier en op de computer in te voeren. Het kost wel meer tijd (en meer geld), maar ik vind het fijner omdat ik meer zie.

Ik hoop dat dit herschrijven een beetje gemakkelijker maakt, want ik vind het altijd nogal een klus.

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge