Hersenspinsel: De boekenkast

Hersenspinsel: De boekenkast

“Ik heb een hekel aan boeken, vooral aan zware boeken. Boeken die me op drukken alsof ze van lood zijn en misschien, misschien zijn ze dat ook wel.” De kast gromde, kreunde en steunde onder het gewicht van al die boeken. De honderden boeken die rustten op de stoffige houten planken, geurend naar oud, muf, stof.
De kast klaagde tegen het ijzeren bed, tegen de rotan stoelen, tegen het houten bureau, maar niemand leek te willen luisteren. De kast wist ook wel waarom: Ze hoefden niet dezelfde taak te vervullen.

Hij wist dat hij belangrijk was, belangrijker dan het bed, dan de stoel, dan het bureau. Maar dat wilde niet zeggen dat hij zich nu genadeloos in zijn lot schikte. Nee, ’t was een eigenwijs ding, die boekenkast. Gemaakt van het duurste en mooiste hout, met de duurste spijkers en met de grootste precisie. Blij zou hij moeten zijn, hij zou niet moeten klagen, maar niet klagen was voor hem onmogelijk, onbegrijpelijk.

Hij zou altijd klagen, zelfs al was hij stiekem trots dat hij belangrijker was dan welk meubelstuk dan ook. Hij zou nooit uitspreken dat hij trots was. De andere meubels zouden dan wel denken!
’t was een eigenwijs, trots ding, die boekenkast.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge