Ik als proeflezer

Ik als proeflezer

Proeflezer (meervoud bewijs lezers) Een persoon die het bewijs leest, kopiëren of andere tekst, op zoek naar fouten en correcties

Ik schrijf al zolang ik me kan herinneren verhalen. Vroeger las nooit iemand het, omdat ik het niet fijn vond dat iemand het las. Het was (en is) iets persoonlijks, iets dat niemand mag lezen. En ik denk dat het voor veel mensen zo geldt. Vroeger vond ik het ook altijd heel vervelend als iemand commentaar had op iets dat ik geschreven had, maar tegenwoordig vind ik het wel fijn.

Waarom een proeflezer fijn is
Jij als schrijver zit diep in het verhaal en voor jou is het volkomen logisch dat Violet op bladzijde vijf paarse ogen heeft en op bladzijde veertig groene. Ze kan immers van oogkleur veranderen, dat is haar talent. Maar je proeflezer zal misschien terugbladeren, denken: ‘Waarom had ze eerst paarse ogen en nu ineens groene? Waarom?’ Als jij het niet uitlegt in het verhaal is het voor de lezer volkomen onlogisch.
Of wat dacht je van show don’t tell? Met de zin ‘Ze werd kwaad’ kun je veel meer. Een proeflezer vraagt zich bijvoorbeeld af hoe ze kwaad wordt. Wordt ze rood? Gaan haar aderen kloppen? Gaat ze slaan? Dingen die jou als schrijver waarschijnlijk veel minder opvallen.

Daarnaast is het fijn dat een proeflezer een speciaal vakgebied heeft en er dus dingen uit kan halen die helemaal niet kloppen. Zo heb ik Mariëlle van wie het vakgebied hoogbegaafdheid is. Die zal me zeggen dat iemand met Asperger altijd hoogbegaafd is. Andersom hoeft het overigens niet: je kunt hoogbegaafd zijn zonder Asperger te hebben. En een barman heeft geen klanten, maar bezoekers. Dit zijn dingen die zo’n proeflezer eruit kan halen.

Ik als proeflezer
Zelf lees ik ook weleens proef. Zo heb ik dus Zilveren Vleugels van Vanessa proefgelezen en voor bijvoorbeeld Mariëlle lees ik ook regelmatig dingen. Ik zeg als ik dingen goed vind, maar misschien nog wel vaker als ik dingen niet goed vind, want ik lees het niet voor niets eerst en met een ‘mooi!’ kun je niet zo heel veel. Wel probeer ik altijd te benoemen wat ik dan precies goed vind.

Verder let ik op verschillende dingen:

Taalfouten (spelling, typefouten)
Ik ben niet iemand die altijd en overal taalfouten verbeter, maar als ik ze in een verhaal zie, dan verbeter ik ze. Op Facebook, Instagram en Twitter mag je zo slecht schrijven als je wilt, maar in een verhaal mag dat niet. Staat niet netjes en onproffessioneel. Dit wil niet zeggen dat ik nooit fouten maak, ik maak ze zelf ook vaak genoeg. Mijn proeflezers wijzen me er ook nog weleens op.

Plotwendingen
Mensen die mijn recensies kennen, weten dat ik van plotwendingen hou. Hoe onverwachter, hoe beter. Dus ik word altijd blij ervan als ik dit in een verhaal tegenkom. Reken op een paar duimpjes omhoog als ik dit vind (en het een goede is)

Logica en infodump
Ik let ook op de logica in het verhaal. Is het logisch? Kunnen ze in een paar uur bovenop de berg staan? En ik probeer om te kijken of de schrijver niet teveel wil vertellen. Soms kun je niet anders, maar probeer om niet in één keer te vertellen wat je personage voor iets bijzonders kan en waarom.

Namen
Wat ik zelf altijd vervelend vind, is als er teveel namen in hoofdstuk 1 zitten. Hier hoeft de lezer echt nog niet te weten dat de ouders van Blake Robert en Monique heten, want dat is niet relevant voor het plot meestal. En hoe belangrijk is het dat Sofie twintig vrienden heeft? Zelf gebruik ik in eerste versie trouwens ook altijd teveel namen en vaak sneuvelt de helft in de herschrijf. Kill your darlings.

Personages en hun omschrijvingen
‘Het blanke blonde meisje keek in de spiegel en ze zag zichzelf. Haar gouden manen als van gouddraad. Haar blauwe ogen die verschrikt terugkeken, haar kleine neusje, de bruine sproetjes op haar wangen …’

Waarom zou je dit zo noemen? Het is veel leuker om het in de tekst te verweven. O, en een personage in een spiegel laten lijken is zo cliché. Maar goed, als ik dit in een verhaal zie, geef ik altijd als commentaar dat dit niet meteen hoeft en niet in de eerste regels. Ook hoef ik niet meteen te weten dat het meisje zes broertjes heeft die allemaal een naam met de M hebben.

Word ik meteen meegetrokken in het verhaal?
Voor mij is het belangrijk dat verhaal me meteen pakt. Word ik nieuwsgierig? Heb ik vragen en wil ik daar antwoorden op? Voor mij zijn dit redenen om door te lezen.

Dit zijn een aantal dingen waar ik oplet als proeflezer en waarvan ik hoop dat mijn eigen proeflezers hier ook opletten. En natuurlijk hoort hier ook nog bij of het verhaal vlot geschreven is en of de schrijfstijl me aantrekt, maar dat zijn dingen waar je als proeflezer niet zoveel van kan zeggen. Iemand schrijft tenslotte op zijn eigen manier.

3 gedachten over “Ik als proeflezer

  1. Huh, ik wist niet dat ik hoogbegaafd was. Wel leuk om te lezen waar anderen op letten bij het proeflezen. Je ziet ook sneller fouten van iemand anders dan van jezelf, dus altijd handig zo’n proeflezer.

  2. Oehoeh, wat leuk dat je toch een blogje over proeflezen hebt geschreven! Het lijkt me wel heel handig, want zoals jij het zegt, dat iemand bijvoorbeeld van oogkleur verandert en jij denkt “duh!” maar de lezer snapt er helemaal niks van.
    Edriënne onlangs geplaatst…Sprookjesachtige boekenMy Profile

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge