Schrijfzondag: Sigaretten & liefde

Schrijfzondag: Sigaretten & liefde

En een nieuw stukje. Ik had een tijdje geen inspiratie, dus dit stukje was nog best lastig om te schrijven.

Ik leunde tegen de muur van mijn huis, haalde een sigaret uit het pakje en ik stak hem aan. Mijn gedachten schoten alle kanten op, maar ik wist niet welke kant de beste optie was. Moest ik aan hem denken? De jongen van mijn dromen. De onbereikbare jongen, ook al was hij nog geen twintig stappen bij me vandaan. Nooit zou hij van mij zijn. Mijn lippen zouden die van hem niet kussen, mijn huid zou niet tegen die van hem aankomen. Niet op de manier waarop ik het wilde.
‘Wat doe je hier, dude? Rook je altijd in je eentje?’ Hij leunde naar me toe en zijn geur prikkelde mijn neus toen ik opkeek van mijn tenen.
‘Wel als mijn hoofd volzit.’ Het was eruit voor ik het tegen kon houden.
‘Waar zit je hoofd dan mee vol? Wit poeder?’
Ik kon een glimlach tevoorschijn toveren en hem zelfs een dreun tussen zijn ribben verkopen. Gewoon zoals beste vrienden doen. Toch?
Waarom was ik abnormaal? Waarom kon ik niet gewoon op meisjes vallen zoals alle jongens die ik kende? Ik voelde me een wandelend cliché: verliefd op je beste vriend. Hoe treurig wilde je het hebben? Hoe fucking sneu was ik nu? Ik was een loser, dat wist ik zelf ook wel.
Toen ik nog een teug nam, voelde ik de rook diep in mijn longen en even voelde het of ik leefde, of ik normaal was. Of ik een gewone jongen was.
Jij zult nooit normaal zijn, dat kan niet.
Een zachte por tussen mijn ribben maakte me weer wakker en ik knipperde met mijn ogen. ‘Alles oké, man?’
Mijn hoofd bewoog voor ik er over na had kunnen denken. Zeg het hem. ‘Ja, prima. Waarom zou dat niet zo zijn?’
Naast me werd een sigaret aangestoken en ik keek op het moment dat mijn beste vriend het stokje tussen zijn lippen stak. Volle lippen die ik ooit nog eens hoopte te kussen. Een mond die nooit de mijne zou zijn. Dat wist ik.
‘Je lijkt een beetje somber te zijn, Q.’
‘Alles is prima.’ Ik forceerde nog een glimlach en ik probeerde niet te denken aan waar ik die mond wilde voelen. In mijn nek, tegen mijn zij, het randje van mijn boxershort. Mijn lichaam leek in de fik te staan en ik kon maar aan één ding denken. Met heel mijn hart hoopte ik dat hij nu niet naar beneden keek. Mijn keel was droog toen ik slikte.
‘Weet je het echt zeker?’ Mijn beste vriend tikte de as van de sigaret en ik keek ernaar.
We hadden het er nooit over gehad als één van ons … zou hij er begrip voor tonen of zou hij alleen maar walgend naar me kijken?
‘Je ziet een beetje bleek namelijk.’
Voor ik mijn woorden tegen had kunnen houden, voor ik erover na had kunnen denken, waren ze mijn mond uit. De woorden stuiterden tegen de muren. ‘Ik denk dat ik verliefd op je ben.’
Ik leunde harder tegen de muur van mijn huis, haalde nog een sigaret uit het pakje dat trilde en stak de sigaret aan. Ik kon niet meer terug. Nooit.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge