1. Stiefbroers en zwarte cirkels

1. Stiefbroers en zwarte cirkels

1. Stiefbroers en zwarte cirkels

Het was avond toen ze voor het eerst een verandering opmerkte. Isa liet haar ogen over haar pols glijden, over het enige aandenken dat ze had: De gouden armband die om haar pols hing.
Ze duwde haar warme vingertoppen tegen haar arm die vol verfvlekken zat. Zuchtend liet ze zich van haar pianokruk glijden om de vlekken weg te poetsen. In der berging vond ze wat ze zocht in een van de stellingen die Bram zo vakkundig in elkaar gezet had.
Ze kneep haar neus dicht, terwijl ze wat terpentine op een doekje goot. De verf die ze gebruikt had was op waterbasis, maar iets zei haar dat de vlek op haar pols niet met water weg zou gaan.
Fuck!’ bromde Isa, terwijl ze nog wat driftiger over haar toch al rode huid wreef.
‘Isa, wat doe je?’
Ze liet de fles vallen, de stinkende vloeistof over haar gympen en ze vloekte opnieuw luid voor ze de jongen voor haar boos aankeek. ‘Alex!’ siste ze woest. ‘Je liet me schrikken.’
Hij lachte spottend en even kromp ze ineen. Het voelde als vroeger toen ze veertien waren en hij haar belachelijk maakte door haar na te praten. Ze wilde niet worden herinnert aan die tijd en ook niet aan het feit dat haar meest populaire klasgenoot nu haar stiefbroer was. Van alle mannen had haar moeder gekozen voor Bram, de vader van Alex en Wouter. Hij kwam dichterbij en Isa haalde hoorbaar adem, omdat de ruimte nu zoveel kleiner leek dan toen ze er alleen in stond.
‘Je bent een plekje vergeten.’ Hij raakte het zwarte rondje aan en pakte de doek met vlekken tussen haar vingers uit en ze huiverde even. Ze was zich er bewust van dat ze veel kleiner was dan Alex, maar wie was dat niet? Alex stak boven iedereen uit met zijn 1.90 m.
Ze plukte aan haar t-shirt, eentje die veel te wijd was en waar gaten in zaten.
‘Was je aan het schilderen?’ vroeg hij zachtjes en ze knikte.
‘Alexander, laat me er langs.’
‘Je gebruikt mijn hele naam, dat doet alleen mijn vader als hij boos is.’
‘Misschien ben ik ook wel boos.’
Hij lachte zijn witte tanden bloot. ‘Dat geloof ik niet. Isa’s worden nooit boos.’
‘Deze Isa wel.’
Ze leunde tegen de stelling vol flessen met brandbaar materiaal en sloeg haar armen over elkaar heen.
‘Je moeder zal boos worden, omdat je met brandbare stoffen heb lopen knoeien.’
‘Dat is mijn ‘probleem’. Ik heb al lang genoeg voor haar gezorgd.’ Ze staarde naar de neus van haar grijze Converse Allstars.
‘Nee, het is nu ook mijn probleem, sinds mijn vader verliefd werd op haar.’

Isa’s moeder glimlachte nerveus, terwijl ze aan de sprei van de bank plukte. Haar dochter snauwde geïrriteerd: “Mam! Houd op! Er zit geen pluisje meer op het kleed en als je zo doorgaat, trek je er nog een gat in. Wat zal je nieuwe vriend dan van je denken?”
Er was een schoon kleed voor elke dag in de week.
‘Dus je nieuwe vriend met zijn kinderen komt zo,’ zei Isa, terwijl ze opkeek van haar schetsboek. Livry knikte en haar dochter zag haar stralen, zo blij was ze met deze man. Ze hoopte dat deze man zou blijven en niet zou verdwijnen zoals al zijn voorgangers.
Isa opende haar mond om nog iets te zeggen toen de bel ging.
‘Gedraag je voor een keer en ga je broertje roepen.’
Ze haalde nukkig haar schouders op, maar ze wisten allebei dat Isa zou doen alsof deze man welkom was. Al was het alleen maar omdat ze geen zin had om haar moeders scherven opnieuw op te ruimen, letterlijk en figuurlijk.
‘NICK! Onze nieuwe familie is er!’ schreeuwde ze door de hal en ze wist dat haar moeder nu glimlachte naar haar nieuwe vriend, zich verontschuldigde voor het geschreeuw van haar dochter.
‘Wat doe jij hier?’ zei toen een stem, een bekende stem en ze keek met een ruk op, recht in de ogen van haar klasgenoot Wouter.

Alex en Wouter hadden voor haar neus gestaan die dag. Haar klasgenoten, de tweeling die totaal niet op elkaar leek. Isa had gedacht dat het een slecht grapje was, maar dat was het helaas niet.
Ze had ontdekt dat Alex aardiger was dan hij leek op school, dat hij altijd zweetsokken had en dat Wouter nogal vaak de sportschool van binnen zag. Haar vriendinnen hadden haar uitgelachen en ze had haar moeder vervloekt, omdat ze altijd al een zwak had voor Alex. Het was zo ontzettend cliché: De populaire jongen en het stille meisje. Dankbaar was ze ook, omdat ze het nooit aan hem opgebiecht had.
‘Nu kun je twee dingen doen: 1. Alex vergeten, omdat hij je huisgenoot is,’ had haar vriendin Carly gezegd.
‘En wat is twee?’
‘Versier hem. Loop per ongeluk zijn kamer in als hij net gedoucht heeft.’
Ze had haar vriendin op haar hoofd gemept die zo hard moest lachen dat ze van Isa’s bed was gerold. Natuurlijk had ze geen van beide adviezen van haar vriendin opgevolgd.  Bovendien was haar liefde bekoeld sinds ze wist dat hij soms drie dagen dezelfde sokken droeg. Er waren grenzen en die lagen toch echt bij zweetsokken van drie dagen.
Alex poetste dapper door, maar het hielp niets. De vlek was er en bleef. Ze trok haar arm weg en glipte langs hem heen, terug naar haar kamer.
‘Die vlek verdwijnt niet, Alex, hoe hard je ook blijft poetsen.’
‘Ik kon het toch proberen, Ies?’
‘Ik heet Isa. Niet iedereen houdt van afkortingen en ik noem jou ook geen Ale.’
Hij grijnsde breed. “Alex is al een afkorting.’
Ze schudde haar hoofd even en schopte een paar kanten hipsters onder haar rommelige bed. Alex bekeek het schilderij op haar ezel met veel interesse, terwijl hij zich hardop afvroeg wat het was.
‘Weet ik veel.’ Met een ruk draaide ze het schilderij om, haar natte vingers negerend. ‘Ik vind het niet fijn dat je kijkt als iets nog niet af is en daarbij had ik gewoon zin om zwart en grijs te gebruiken.’
‘Het is zo somber, Isa. Ik vind het deprimerend.’
‘Gelukkig geeft niemand wat om jouw mening en je hoeft het ook niet op te hangen.’
Ze dirigeerde Alex naar de deur en tot haar genoegen zag ze de zwarte vingerafdrukken op het lichtgrijze van zijn hoodie. Alex keek van haar vingers naar de mouw van zijn trui en hij fronste zijn wenkbrauwen.
‘Ik koop wel een nieuwe voor je. Al is de verf op waterbasis.’
Zijn ogen fonkelden. ‘Waarom zocht je dan terpentine?’
‘Om deze plek eraf te halen,’ zei ze, tikkend tegen haar pols.
‘Dat is dan mislukt.’
Ze rolde met haar ogen, mompelend dat ze dat ook ‘heus wel gezien had.’
‘Het is vast geen verf.’
Hij boog zich zo ver naar voren dat ze zijn adem in haar oor voelde en hij woorden fluisterde. Woorden waar ze een moment niets mee kon.
‘Ik zou maar oppassen als ik jou was. Wat als de aliens je vannacht komen halen?’ Daarna liep hij haar kamer uit.
Ze keek naar de perfecte en ronde cirkel. Gitzwart en duidelijk zichtbaar op haar lichte huid. Een erfenisje van haar dode vader.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge