16. Blauwe bootjes

16. Blauwe bootjes

16. Grijze ogen, blauwe bootjes

‘Welke jongen in het zwart?’ vroeg Isa gealarmeerd. ‘Alex?’
Ze probeerde te bedenken wat hij gedragen had, maar er kwam niets in haar op. Het andere meisje haalde haar schouders op.
‘Ik wilde naar het toilet gaan en toen zag ik Jamie staan met jou in zijn armen voor hij ineens verdween.’
‘En die andere jongen?’
Ineens schoot de herinnering aan de dag dat Jamie haar huis binnengelopen was haar te binnen. Toen had ze ook iemand in het zwart gezien. Twee mensen. Jamie was al binnen toen ze de schim voor haar huis gezien had. Hij had naar boven gekeken en het was Jamie beslist niet geweest, maar wie het wel was, wist ze niet. Ze was het hele voorval weer vergeten.
Werd ze door nog iemand anders geschaduwd?
‘Die stond in het trappenhuis tegenover het toilet. Hij had zijn capuchon op, maar hij viel me op, omdat hij lang was. Net zo lang als Wouter.’
Ze trok een gezicht toen ze de naam uitsprak. Alsof ze iets vies zag.
‘Hij was dus lang en droeg zwarte kleding en een muts.’
’Capuchon,’ verbeterde Suzie haar en toen huiverde ze.
Isa keek nu beter naar het meisje en realiseerde zich dat Suzie gymkleding droeg: Een korte, zwarte broek met een wit t-shirt met het logo van de school.
De standaardkleding die iedereen hoorde te dragen, maar alleen de onderbouw deed het.
‘Heb je het koud?’
Suzie trok haar wenkbrauwen op en snauwde vijandig: ‘Wat kan het jou schelen dat ik het koud heb? Je mag me niet eens!’
‘Trek die trui anders aan,’ zei Isa, wijzend naar een trui die op de leuning van de bank lag.
‘Ik laat me niet commanderen!’
Ze haalde haar schouders op. ‘Dan doe je het niet.’
Isa’s ogen gleden door de kamer op zoek naar een klok om te kijken hoe laat het was. Ze vond wat ze zocht naast de gigantische televisie op de ladekast.
Kwart over zes. 18:15.
Ze hoorde al een kwartier aan de eettafel te zitten. Bram was daar heel streng, in: Ben je er om zes uur niet? Dan krijg je geen eten.
Maar Bram was overal streng in.
Ze probeerde rustig te ademen, terwijl ze nadacht over een oplossing.
‘Hoelang zijn Jamie en ik vorige keer weggebleven?’
Het meisje haalde haar schouders op. ‘Vijf minuten of zo.’
‘Het kan vijf minuten duren, maar ook vijf uur,’ zei Jamie en allebei de meisjes gaven een gil.
Jamie sprong over de leuning van de bank en plofte tussen de twee in.
Alex stond in de deuropening en keek fronsend toe hoe Jamie zijn armen om de schouders van Isa en Suzie sloeg.
‘Is dat omhelzen nu nodig? Iedereen weet dat je een flirt bent,’ bromde Alex.
Jamies ogen twinkelden. ‘Heb je er last van, Alexander?’
Alex bromde iets dat niemand verstond.
‘Heb je het niet koud, Suzie?’
Suzie keek Jamie boos aan en sprong op van de bank.
‘Nee, ik heb het niet koud en als ik het wel koud krijg, trek ik wel wat aan. Zoals deze trui.’
Ze griste het ding van de rugleuning en trok hem over haar t-shirt. Het kledingstuk kon bij haar doorgaan voor een jurk. Hij hing bijna tot op haar knieën en verborg haar complete sport-outfit.
‘En nu ga ik naar huis!’
Woest sprong ze op en marcheerde de kamer uit zonder de rest nog een blik waardig te gunnen. Daarbij liep ze bijna de kast omver en Isa sloeg haar hand voor haar mond om het meisje niet uit te lachen.
‘Ook doei,’ mompelde Jamie toen de deur in het slot viel. ‘Alleen is ze er nu met mijn trui vandoor en ik weet niet of ik die nog terug krijg.’
‘Nee,’ zei Isa resoluut. ‘Het is Suzie, je grootste fan. Ik denk dat ze voor de rest van haar leven in die trui slaapt.’
Een knorrende maag gaf aan dat iemand honger had. In dit geval was het Alex’ maag en hij keek een beetje beteuterd.
‘We hadden al aan tafel moeten zitten, maar in plaats daarvan staan we nog hier.’
Jamie grijnsde. ’Je vergeet iets. Wat kunnen jullie?’
Isa moest even nadenken, maar toen riep ze uit: ‘Je bent briljant!’
‘Dat weet ik.’
Hij stak zijn handen uit naar Alex en Isa. Zij aarzelde geen moment en liet zich meetrekken naar de deur waar Alex stond met zijn armen over elkaar heen. Jamie greep de bovenarm van de jongen stevig beet en het volgende moment voelde Isa het grind van de oprit onder haar voeten.
‘Op tijd voor het eten en tot morgen.’
‘Morgen?’ herhaalde ze.
‘Dat zeg ik: Morgen.’
Jamie was in een oogwenk verdwenen.
Isa bromde: ‘Hoezo morgen? Wat is er morgen?’ Natuurlijk kreeg ze geen antwoord op die vragen.
‘Isa, Alex. Waar waren jullie?’ vroeg Wouter ineens en ze vloog bijna een meter de lucht in. Ze hoopte dat hij Jamie niet had zien verdwijnen, want dan hadden ze een groot probleem.
‘Hoezo?’ vroeg Isa en ze hoopte dat ze normaal klonk. ‘Moesten we ergens zijn dan?’
Wouter negeerde haar vraag en praatte verder. ‘Jullie hebben vast het laatste nieuws nog niet gehoord. We zijn tot en met donderdag vrij, omdat ze bang zijn dat de rest van de school ook instort. Niet dat ik heel goed geluisterd heb, want bij het woord ‘vrij’ was ik al afgeleid.’
‘Waarom hebben we vrijdag dan geen vrij?’
‘Weet ik veel, broertje. Zie ik eruit als een leraar?’ Wouter spreidde zijn armen en Isa schudde haar hoofd. Zijn haar zat warrig, op een wang zat een veeg en zijn grijsblauwe ogen stonden helder en levendig. Dezelfde ogen als die van Alex.
Alex.
Ze stond zichzelf toe om een moment opzij te kijken en hij keek terug met een brede grijns, maar zei niets.
‘Waar zijn jullie jassen eigenlijk?’
‘Op school in ons kluisje. We mochten er namelijk niet meer bij,’ zei Alex schouderophalend. ‘Als ik een jas nodig heb, jat ik die wel van jou.’
‘Als je het maar laat!’
Wouter was zuinig op zijn kleding, Alex was dat totaal niet. Een van de vele verschillen van de tweeling.
‘Dan trek ik de gele regenjas van Isa wel aan.’
Waar waren haar jas en tas eigenlijk? Ze nam zich voor om Jamie na het eten te bellen om te vragen of haar spullen daar lagen.
‘Ik heb gezegd dat jullie bij een vriend waren tegen pap en Livry. Die laatste was nogal hysterisch toen school belde over de instorting. Vervolgens kreeg ze jullie niet te pakken en dat deed haar zenuwen helemaal geen goed. Als ik geen smoes verzonnen had, had ze waarschijnlijk de politie gebeld, dus geen dank.’
‘Overdrijf niet zo.’ Isa wapperde met haar telefoon. ‘Mijn moeder heeft me niet eens gebeld, dus je had niet hoeven liegen. Je hoeft het nu heus niet goed te praten.’
Een moment zweeg Wouter, terwijl hij nadacht. Toen vond hij zijn zelfvertrouwen terug en kneep zijn ogen tot spleetjes terwijl hij zei: ‘Ik wil maar één ding terug, namelijk het antwoord op de vraag: Waar waren jullie?’
‘Verwacht je iets spectaculairs, broer?’ Alex grinnikte. Blijkbaar vond hij het nogal vermakelijk.
‘Je hebt een reputatie, Alex. Je bent niet altijd zo braaf geweest, dus ja, misschien verwacht ik iets bijzonders.’
Isa voelde de spanning tussen de twee jongens. Ze had altijd gedacht dat deze twee het goed met elkaar konden vinden, maar blijkbaar was dat toneelspel.
‘We waren braaf huiswerk aan het maken,’ zei Isa snel, omdat ze bang was dat de jongens elkaar een bloedneus zouden slaan.
Wouter vroeg schamper: ‘Huiswerk zonder boeken?’
Alex rolde met zijn ogen, zei niets en trok Isa mee naar binnen.
‘Misschien moeten we het hem vertellen,’ fluisterde ze, maar Alex schudde zijn hoofd.
’Dat is het stomste idee ooit. Je moet Wouter nooit iets vertellen.’

Ze had zichzelf in een kleermakerszit gevouwen met de oordopjes van haar prehistorische iPod diep in haar oren. Heel zachtjes zong ze mee met May i van Trading Yesterday.
Het muziekspelertje had nog een clickwheel dat inmiddels uitgestorven was, maar ze vond het wel best. Geld voor een nieuwe had ze toch niet.
Op het schrijfblok voor haar neus had ze twee dingen geschreven: Erfer en Tijder. Ze probeerde het te begrijpen en dat ging het beste door het op te schrijven.
Zo probeerde ze haar Wiskunde ook altijd te leren. Niet dat dat veel effect had, want haar cijfers voor dat vak waren nog altijd om te huilen. Voor de laatste twee toetsen had ze twee keer een vier gehaald. Een rode vier. Ze haatte rood.
Toen was het ineens stil en ze keek verbaasd omhoog, recht in Alex’ grijsblauwe ogen. Hij leunde naar voren. Het snoertje en de oortjes bungelden tussen zijn vingers door en hij grijnsde brutaal naar haar.
Hij gaf haar een duwtje en zwijgend schoof ze een stukje op zodat hij naast haar kon gaan zitten. Voor ze het wist, had hij het schrijfblok naar zich toegetrokken.
‘Hé! Misschien is dat mijn dagboek wel!’
‘Nee, je dagboek heeft een paarse voorkant.’
Ze keek boos opzij. ‘Hoe weet je dat? Alexander Visser, heb je in mijn bureaulades gerommeld?!’
‘Misschien,’ zei hij verontschuldigend. ‘Ik was op zoek naar een gum, niet naar je dagboek. Het kan me niet schelen wat voor wilde fantasieën jij opschrijft over mij. Ik wil het niet eens weten.’
Hij stak zijn tong uit naar haar.
Ze had al in geen maanden meer in haar dagboek geschreven, omdat ze niet zo’n schrijfster was. Bovendien was ze opgegroeid met Lauren. Haar zus had een zesde zintuig voor het vinden van dagboeken en het had haar al heel wat ongemakkelijke momenten opgeleverd.
‘Ik probeer orde in de chaos te scheppen. Ik moet iets doen om de informatie te verwerken. Moet de deur niet open trouwens?’ vroeg ze, wijzend naar haar dichte kamerdeur. ‘Je vader was duidelijk toen hij de regels uitlegde. Geen deuren dicht als er een jongen op bezoek is.’
‘Ben ik bezoek dan?’
Hij was dichtbij, zo vlakbij dat het haar een beetje duizelde. Ze voelde hoe haar hart wilder en sneller dan normaal klopte, hoe alles ineens een tintje feller leek te zijn.
Hij boog zich naar haar toe en fluisterde: ‘Isa, mijn vader is net een Jack Russell. Hij blaft veel, maar bijt niet. Blaffende honden bijten immers niet.’
Zijn warme adem was op haar lippen, zijn neus raakte die van haar en ze hapte naar adem.
‘Ik voel me niet op mijn gemak met de deur dicht,’ fluisterde ze toen.
‘Weet je zeker dat dat het probleem is en niet iets anders? Heb je spijt?’
Ja, ik heb spijt, wilde ze roepen, maar ze deed het niet. Ze liet zich wel opnieuw kussen, terwijl haar lichaam zinderde en huiverde onder zijn aanrakingen.
Hij zoende haar gretig, bijna te gretig, en trok haar tegen zich aan. Hij beet op haar lip en ze proefde de smaak van bloed. Haar vingers dwaalden over zijn gespierde rug en schouders.
‘Misschien is dit de reden dat mijn vader graag wil dat de deuren openstaan,’ fluisterde hij in haar oor. ‘Zodat zijn zoon en stiefdochter niet alleen zijn.’
Hij aaide zacht over haar wang. Zijn ogen waren grijze oceanen met dansende blauwe vlekjes. Blauwe bootjes.
‘Ik weet zeker dat de regel van mijn vader komt. Jouw moeder lijkt er gemakkelijker over te doen.’
Ze knikte, omdat het zo was. Haar moeder had zich nooit druk gemaakt om het liefdesleven van haar dochters. Lauren had daar dan ook gretig gebruik van gemaakt en Isa kon de keren dat ze een zoenende Lauren betrapte op de bank niet meer tellen. Zijzelf had daarentegen nog nooit een jongen mee naar huis genomen. Zelfs Sam niet.
Hij liet zijn vingers over haar nek glijden en liet ze rusten tegen haar sleutelbeen. Het was een intiem gebaar en ze keek naar zijn vingers op haar huid. Ze voelde de intensiteit van de beweging. Ze voelde dat de lucht zwaar was van verwachting, van hoop, van iets. Een stemmetje siste dat dit fout was, dat het niet mocht, maar ze negeerde het weer. Hier was niets fouts aan. Alex was biologisch gezien niets van haar, helemaal niets.
Toen klonk Livry’s stem achter de deur. ‘Isa, lieverd? Waarom is je deur dicht? Kan ik binnenkomen?’
Verward keek ze Alex aan die meteen een stukje wegschoof. Zijn t-shirt was een stukje opgekropen en zonder er over na te denken trok ze het naar beneden. Hij keek haar met grote, heldere ogen aan. Zijn pupillen waren groter dan normaal.
Haar vingers gleden naar haar lippen. Er zat een heel klein druppeltje bloed op haar vingertop van daar waar hij haar iets te hard gebeten had.
Isa wilde nog iets zeggen, maar toen duwde haar moeder de deur open en was er geen tijd meer om iets te zeggen.
‘Isa, ik… Alex! Ik wist niet dat jij hier ook was!’
Alex grijnsde onschuldig en was blijkbaar alweer bekomen van de schrik. Zij nog niet en het leek net alsof haar tong vastgeplakt was met superlijm.
‘We maken huiswerk,’ zei Alex, terwijl hij het notitieblok omhoog hield. ’Wiskunde. Isa is daar geen held in.’
’Dat heeft ze niet van mij, want ik haalde altijd achten en negens,’ zei Livry die zich op de bureaustoel liet zakken.
Isa kreunde onhoorbaar, omdat ze nu kon wel kon vergeten dat haar moeder snel weer weg zou gaan. Ze wilde niets liever dan Alex opnieuw zoenen. Opnieuw en opnieuw. Net zolang tot ze er genoeg van kreeg.
’Had jij de laatste keer geen vier?’ vroeg hij, terwijl hij zijn hoofd schuin hield.
’Een vier?’ herhaalde haar moeder verbaasd.
Dank je, Alex. Dat had ik nog niet verteld.
‘Ik had een acht, dus het leek me een goed idee om het Isa uit te leggen.’
Haar moeder glimlachte gelukzalig. ‘Dat is lief van je, Alexander.’
‘En eigenbelang,’ mompelde hij zo zacht dat alleen zij het hoorde.
‘Bram vertelde me trouwens iets interessants, Isa. Hij zei dat je een vriendje hebt.’
Ik maak van die man nog eens haaienvoer!
‘Ik ben wel benieuwd naar die jongen die het hart van mijn dochter gestolen heeft. Waarom nodig je hem niet uit voor het avondeten morgenavond? Wie is het trouwens? Is het die leuke jongen van tekenles?’
‘Sam? Nee. Hij heet Jamie en je kent hem niet.’
Alleen als je dol bent op films met tienervampiers.
’Dan moet je hem helemaal uitnodigen! Ik wil die jongen leren kennen.’
Isa wilde roepen tegen haar moeder dat zij dat niet wilde, maar haar moeder was de kamer alweer uitgelopen.
Haar moeder had blijkbaar aangenomen dat Isa Jamie uit zou nodigen. Geen discussie mogelijk.
‘Je bent een eikel, Alex,’ mompelde ze toen. ‘Van onvoldoendes worden ouders niet blij.’
‘Ik had ook andere dingen kunnen vertellen, maar ik weet zeker dat ze daar ook niet blij van wordt,’ fluisterde hij in haar oor, terwijl ze zijn warme adem voelde. Opnieuw gingen al haar zintuigen op scherp.
Ze besloot van onderwerp te veranderen. ‘Gedraag je nu maar gewoon morgen.’
‘Isapisa, dat doe ik toch altijd? Alle meisjes zijn dol op me.’
Ik ook.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge