18. Het Blauwe Paleis

18. Het Blauwe Paleis

18. Het Blauwe Paleis

Alex kwam precies drie minuten later de hoek om en het was duidelijk dat hij stevig doorgelopen had. Op zijn wangen zaten een paar blosjes en hij hijgde een beetje.
Ze gaf hem een por en lachte even. ‘Ik zou denken dat jij conditie hebt van al die rondjes om het voetbalveld, maar dat heb ik dus mis.’
‘Je moeder en mijn vader denken dat ik met jullie mee ben,’ zei Alex, haar opmerking negerend.
Ze trok een wenkbrauw op. ‘Waarom denken ze dat je met ons mee bent?’
‘Hij vertrok vlak na ons,’ zei Jamie alsof het niet meer dan logisch was.
‘Dat kan toch ook toeval zijn,’ sputterde Isa tegen. ‘Sinds wanneer maakt het mijn moeder uit wat jouw plannen zijn?’
‘Ze is bang dat ik jullie lastig val.’
‘Dat doe je ook,’ zei Isa grinnikend en Alex gaf haar een heel zacht klapje op haar schouder.
‘Houden jullie elkaar heel? Ik zie jullie twee liever niet kissebissen, lovebirds. Bezwaar?’ Jamie hield een sigaret tussen zijn duim en wijsvinger en zwaaide ermee.
Hij wachtte het antwoord niet af, maar stak de sigaret aan.
‘Ik zal het maar niet tegen mijn moeder zeggen dat de perfecte jongen ook zijn minpunten heeft,’ zei Isa heel zachtjes.
Toch hoorde Jamie het, want hij keek haar met een brede grijns aan.
‘Waarom noem je ons nu weer lovebirds? Jullie zijn toch het stelletje.’
Jamie grijnsde. ‘Voor de camera’s zijn we een stelletje, Alexander, alleen voor de camera’s. Dat weet jij net zo goed als ik. Nu zijn de camera’s helaas overal, omdat ze van mening zijn dat ik door Isa weer naar school ga. Dat ik het voor mezelf doe, is niet spannend genoeg voor die bloedhonden.’ Jamie keek hen aan met de sigaret tussen zijn lippen geklemd. ‘Ik wil een diploma hebben en ik wil dierenarts worden.’
Toen draaide hij zich om en zei alleen: ‘Volg me.’
Hij keek niet of ze hem volgden, hij ging er gewoon vanuit dat ze dat deden.
‘Waarom moeten we jou volgen?’ vroeg Alex toen ze de blonde acteur hadden ingehaald. ‘Ik dacht dat we in de tijd gingen reizen. Echt in de tijd reizen.’
‘Dacht je dat we dat hier gingen doen?’ Jamie keek Alex aan en hij leek oprecht verbaasd.
Toen viste hij een kleine zwart afstandsbediening uit zijn zak en bijna meteen kwam een kleine onopvallende auto tot leven. Het zwarte voertuig maakte een geluidje en de lampen knipperden een keer.
‘Ik dacht dat jij een sportauto had.’ Isa keek van de auto naar Jamie en weer terug. Dit was een klein autootje voor in de stad voor vrouwen die niet kunnen inparkeren. Ze fronste toen ze de nep-wimpers rondom de koplampen zag.
‘Vind je die nep-wimpers niet tof?’
Ze fronste nog een keer en keek Jamie toen aan. ‘Tof?’ herhaalde ze. ‘Wie heeft ze erop geplakt?’
‘Ik,’ zei hij grinnikend. ‘Ik vond het wel grappig. En mijn sportauto is te opvallend, die kent iedereen. Bovendien passen daar maar twee mensen in.’
‘In dit koekblik lijken ook niet meer mensen te passen.’
‘Daar vergis je je in. Neem plaats.’ Hij gebaarde naar de portieren. ‘Als je achterin wilt zitten, dan moet je een beetje klimmen.’ Jamie knikte naar de ingeklapte stoel voorin. Alex klom zwijgend over de stoel heen en plofte op de achterbank, terwijl hij een weekendtas aan de kant duwde.
Jamie deed de passagiersstoel zodat Isa kon zitten. De auto was keurig opgeruimd, al zat de asbak vol met sigaretten. De auto was ook aan de buitenkant goed onderhouden, al vermoedde Isa dat de auto nieuw was. Het rook er naar leer en sigaretten.
”Van wie is de auto eigenlijk?’ vroeg Isa. ‘Of heb je een garage vol onder dat haveloze appartement van je?’
Hij snoof. ‘Je hebt gezien hoe luxe onze parkeergarage is. Uiteraard heb ik daar mijn hele wagenpark staan. Nee, ik moet jullie helaas teleurstellen, dit is de auto van mijn ouders.’
‘Je mag een auto lenen van je ouders?’ vroeg Alex verbaasd. ‘Ik weet zeker dat Bram me zijn auto niet leent wanneer ik achttien ben.’
‘Jij hebt zijn auto ook vast niet betaald. Ik heb dit ding voor ze gekocht.’ Jamie klopte even op het dashboard voor hij verder ging. ‘Bovendien heb ik al sinds mijn zestiende een rijbewijs. Een Amerikaans rijbewijs, omdat dat handiger was tijdens de opnames van Two Teeth. Dat is opgenomen in een Amerikaans gehucht. Er ging maar twee keer per dag een bus, dus daar moest je wel een auto hebben. Bovendien had ik ook hier al wel gereden op rustige landweggetjes.’
‘Met medeweten van je ouders? Dat is best onverantwoord,’ mompelde Isa, terwijl Jamie de auto handig de weg op manoeuvreerde.
‘Het is minder onverantwoord dan met vier borrels op achter het stuur stappen of telkens op je mobiele telefoon kijken. Bovendien ben ik een natuurtalent, maar dat ben ik in alles.’
Hij grijnsde.
‘Nu mag je hier dus niet rijden, toch? Ik neem niet aan dat een Amerikaans rijbewijs hier geldig is.’
Jamie wees naar het dashboardkastje. ‘Kijk daar maar eens in, Isa.’
Ze opende het en zag het roze pasje meteen. Een rijbewijs op naam van Jamie Linners, geboren op 15 augustus.
‘Dan ben je nog niet zo lang geleden jarig geweest,’ zei ze langzaam.
‘Jep.’
‘Gefeliciteerd nog dan,’ zei Alex vanaf de achterbank.
‘Dank je. Het is trouwens best logisch dat Bram jou niet laat rijden,’ zei Jamie toen. ‘Ik denk dat je verleden daar niet brandschoon genoeg voor is. Of dat zeggen in elk geval de roddelmeisjes van de schoolkrant.’
Alex werd zo rood als een tomaat.
Ze wist meteen waar hij op doelde. Een jaar geleden had Alex samen met een paar vrienden, Parker en Florian, een auto gestolen van Florians vader. De jongens waren tot stilstand gekomen tegen een hek en alleen Florian had zijn arm gebroken. Een gebroken arm en een taakstraf rijker.
‘Ik dacht dat we gingen tijdreizen.’
Alex leunde met zijn ellebogen op de twee voorstoelen.
‘Niet hier en zeker niet midden op de weg. Het is geen goed idee om dat op straat te doen op klaarlichte dag, Alexander.’
‘Het is avond.’
‘Dat was een voorbeeld. Het is niet altijd avond namelijk. Wat als iemand ons ziet verdwijnen of ziet verschijnen? Wil je oude bejaarde vrouwtjes een hartaanval bezorgen?’
‘De vorige keer kwamen we anders ook geen bejaarde tegen,’ sputterde hij tegen.
‘Dat maakt niet uit. Je mag het alleen doen als het een noodgeval is. De vorige keer dat ik het deed, had ik geen keuze. Bij beginnende Reizigers, zoals ze jullie noemen, zijn ze nog niet zo moeilijk. Dat wil alleen niet zeggen dat je constant op straat mag verdwijnen en verschijnen, maar het kan gebeuren.’
Jamie glimlachte en zette de richtingaanwijzer aan.
’We reizen alleen vanuit het Blauwe Paleis, het Ekallumi.’
Isa keek hem aan. ’Het eku-wat?’
’Ee-ka-ll-uu-m-ie. Ekallumi, Isa. Het wordt ook wel Het Blauwe Paleis genoemd,’ zei Jamie.
Ondertussen schoten zijn ogen van links naar rechts over de weg en trommelde hij op het stuur. ‘Dat paleis is niet blauw, maar dat noemen we zo, omdat daar alle leiders van de Tempus Viator zitten en die dragen blauwe gewaden.’
‘Van die gewaden als in Harry Potter?’
‘Ja, alleen dan blauw en er zwaait niemand met een toverstaf. O, en Voldemort kom je er ook niet tegen.’
Achteraf wist Isa niet meer hoe ze bij het gigantische gebouw gekomen waren, omdat Jamie blijkbaar niet wilde dat ze het terug zouden vinden. Hij was zo vaak afgeslagen dat ze de draad was kwijtgeraakt. Op een bepaald moment had ze haar ogen gesloten.
Ze was nog steeds een beetje duizelig toen ze uit de auto stapte en naar de grond tuurde om niet te vallen. Uit een auto vallen was niet iets dat ze dagelijks wilde doen. Na haar stapte Alex uit.
Jamie riep boven de motor uit dat hij een parkeerplaats ging zoeken. Alex knalde het portier dicht en Jamie stoof meteen weg in de kleine auto.
Toen keek Isa op en ze zag het reusachtige paleis opdoemen. Het was in de stijl van een Griekse tempel gebouwd. Het was net of het witte gebouw uit een van haar geschiedenisboeken weggelopen was, compleet met zuilen, een trap en de vele beelden van halfnaakte mensen. Ze beet op haar lip, omdat ze er nu van baalde dat ze niet beter opgelet had toen ze het over dit soort gebouwen gehad hadden. Ze had het totaal niet boeiend gevonden.
Misschien hebben ze het gestolen uit het oude Griekenland.
Ze gniffelde heel zachtjes om haar eigen gedachten.
Ervoor was een plein dat gigantisch was. Het plein was minstens zo groot als de Grote Markt in Groningen. Of de Neude in Utrecht. In het midden stond een fontein die zo immens was dat ze er baantjes in had kunnen trekken als ze haar bikini meegenomen had. Langs het plein stonden bomen en het was alsof ze midden in het bos waren. Er stonden aan weerszijden auto’s geparkeerd, keurig in parkeervakken. Ze keek rond, maar ze zag geen vreemde of extravagante auto’s. Het waren gewoon… auto’s.
Niets wees erop dat hier mensen waren die in de tijd konden reizen.
Niets is wat het lijkt.
’Waar zijn we?’ zei Alex en ze hoorde aan zijn toon dat hij geschokt was. ‘En waarom duurt het zolang om een auto te parkeren?’
‘Het duurt niet lang, je bent gewoon ongeduldig. Laten we nu maar naar binnen gaan.’
Jamie dook achter hen op en schoof net zijn sleutelbos in een zak van zijn strakke broek waar ze duidelijk zichtbaar waren.
Hij liep langs hen heen, recht op de ingang af en Isa volgde hem zwijgend. Alex echter niet. Hij bleef als aan de grond genageld staan.
’Ga je ook mee of wacht je tot in eeuwigheid? Dan kun je lang wachten, want wij Reizigers kunnen oud worden. Niet dat we dat vaak worden, maar dat… dat is een detail.’
‘Wie zegt dat je ons zo niet in een val lokt? Misschien werk je wel voor de vijand?’ zei Alex met een felle blik in zijn ogen.
‘Degene die Isa dood wil hebben of op zijn minst haar bloed, bedoel je? Denk je dan dat ik haar gered had op school?’
‘Misschien werk je wel voor de Russische geheime dienst of voor Interpol. Of voor de FBI.’
Jamie grinnikte hardop. ‘Natuurlijk, Alexander Visser. Zo’n organisatie huurt een acteur in die graag met vampiertanden met nepbloed rondhuppelt. Dat zou ik ook meteen doen. Een betere dekmantel kun je niet hebben. Alex, als je me niet vertrouwt, dan kan ik daar niets aan veranderen wat ik ook zeg of doe. Je weet wat ik kan en als ik je daarmee niet kan overtuigen…’ Hij haalde een hand door zijn haar. ‘Ik weet iets een betere oplossing. Ga mee naar binnen en als je het verdacht vindt, dan ben je vrij om naar huis te gaan. Is dat een redelijke deal?’
Toen keek Alex naar Isa. ‘Vertrouw jij hem wel of denk je ook dat hij ons in de val lokt?’
‘Je hebt gezien wat we kunnen. We kunnen terug in de tijd, in ons eigen leven.’
‘Niet in ons eigen leven, Isa,’ verbeterde Jamie haar.
‘Dat deed jij toch in de wc?’ Ze was er absoluut zeker van wat ze gezien had. ‘Je nam me mee terug in de tijd, in jouw leven.’
Verward keek ze hem aan.
’Ik nam jou mee terug in jouw leven. In dat van mezelf kan ik het niet. Als je in dat van een ander terugreist, is het van belang dat je de talisman van de ander hebt. Ik had het horloge van je opa. Zullen we naar binnen gaan? Ik heb geen zin om Jamie het verdronken katje te spelen.’ Hij wees naar de donkere wolken die zich boven hun hoofden samenpakten.
Alex bleef echter nog steeds staan. Blijkbaar was hij het niet eens met Jamies woorden.
‘Hoe kom ik eigenlijk aan die stip? Heeft iemand midden in de nacht ingebroken zonder braaksporen?’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge