21. Soms mag liegen best

21. Soms mag liegen best

21. Een doodgewone bom met een kort lontje

Het was een andere tijdreiziger. Dat besef danste rond in haar gedachten.
‘Gaat het?’ Ze keek naar beneden, naar de arm van Jamie die om haar middel lag. Toen knikte ze.
‘Waarom moesten we nu ineens zo gehaast weg? Was je bang dat de andere Jamie je zou zien?’ vroeg Alex.
Het was een moment stil en ze hoorde alleen de wind om haar hoofd gieren. Alex had niets gezien.
Jamie knikte. ‘Ik was bang dat iemand anders me naar het podium zou duwen en dan waren de rapen echt gaar geweest. Dat zijn ze nu al, maar dat kan ik wel oplossen.’
Ze slikte bij de gedachte dat de jongen in de problemen zat. ‘We kunnen je helpen.’
Hij keek haar aan en schudde toen zijn hoofd. ‘Nee, dat kun je niet, Isa. Maar dat is niet erg. Jullie zullen niet voor de Raad hoeven verschijnen. Ik klets me er wel uit zoals ik dat altijd doe.’ Hij glimlachte naar haar, maar er was iets anders aan zijn lach.
Zijn ogen deden niet mee.
Hij loog.
‘Laten we naar huis gaan. We hebben genoeg opwinding gehad voor vandaag. De rondleiding door het Blauwe Paleis moet maar even wachten. Nu moeten we hopen dat niemand de auto gestolen heeft. Dat gebeurt soms.’

De auto stond er nog en Isa klom over de passagiersstoel naar de achterbank. Ze verwachtte dat Alex voorin ging zitten, maar hij schoof zwijgend naast haar op de achterbank.
Jamie draaide het sleuteltje van de auto om en de motor kwam brullend tot leven. Hij trapte het gaspedaal in. ‘Zal ik nu een zak over mijn hoofd trekken zodat jullie elkaar af kunnen lebberen? Houden jullie je kleding aan? Of in elk geval tot ik er niet meer bij ben.’ Hij keek Isa aan in de achteruitkijkspiegel. ‘Ik weet hoe het werkt, hoor. Ik heb ook weleens een vriendin gehad.’
‘Net in de toekomst nog,’ zei Alex met een brede grijns. ‘Als ik me niet vergis, stond je net nog Suzie af te lebberen.’
De jongen voorin schudde zijn hoofd. ‘Dat was ik niet. Dat was een verlopen versie van mezelf. Ik wil echt geen relatie met Suzie en ik wil al helemaal geen dronken, verlopen acteur zijn.’
Jamie klikte net zijn gordel vast toen Isa vroeg: ‘Hoe laat is het?’
‘Te vroeg om naar huis te gaan voor jullie,’ was Alex’ antwoord die zijn mobieltje uit zijn zak gehaald had en het omhoog hield.
Jamie kon niet kijken, omdat hij zich moest concentreren op de weg, maar Isa keek op het schermpje. ‘Half tien,’ las ze hardop voor. ‘Dat is vroeg.’
‘Dat valt wel mee,’ bemoeide Jamie zich ermee. ‘Al is het misschien wat vroeg om terug te komen van een film, maar we kunnen heus wel een smoes bedenken. Je werd ziek…’
Ze schudde haar hoofd. ‘Dan is mijn moeder bezorgd.’
‘De film was uitverkocht,’ opperde Alex, maar ze schudde haar hoofd.
‘Heb je een betere oplossing?’
‘Jullie zijn naar de kroeg geweest.’ Alex grijnsde en ze schudde opnieuw haar hoofd. ‘Bang dat je moeder boos wordt omdat haar geliefde dochter in de kroeg rondhangt en dronken wordt? Is ze bang dat je in zeven sloten loopt, ook al zijn je vriendje en je stiefbroer erbij?’
Isa snoof.
‘Heb je een betere suggestie?’
Ze had geen betere oplossing. Jamie nam opnieuw de duizelingwekkende weg vol bochten terug en een halfuur later stonden ze stil voor Isa’s en Alex’ huis.
‘Ik ga vast naar binnen. Ik hoef dat gevoos niet te zien. Dat was tijdens het eten al erg genoeg.’
Alex klom over de stoel heen en stapte naar buiten.
‘We deden helemaal niets!’ riep Isa verontwaardigd, terwijl Alex grinnikte en de deur dichtsloeg. Ze hoorde hem nog net ‘tot zo, lovebirds!’ roepen
Ze zwegen even en ineens leek de auto te klein, te stil. Isa keek naar haar vingers met de nagels vol met verfvlekken.
‘Ben je verliefd op hem? Je kunt het me vertellen. Tenslotte heb jij ook dingen waarmee je naar de roddelbladen kunt stappen als je dat zou willen. Ik ben je alibi,’ zei Jamie tenslotte en ze dacht even na voor ze knikte.
Tegen Jamie kon ze het wel vertellen. Zij hielp hem tenslotte ook. Hij had bovendien die zoen gezien.
‘Ik ben die van jou ook, toch?’
Hij haalde zijn schouders op. ‘Ik weet het niet, Isa.’
Al haar bloed ging naar haar wangen en ze dacht koortsachtig over die vier woorden. Ik weet het niet. Wat wist hij niet? Ze had verwacht dat hij ‘Ja, natuurlijk’ zou zeggen zonder te aarzelen.
‘Jij zag dat figuur in die regenjas ook, nietwaar?’ zei hij toen en hij veranderde subtiel van onderwerp. ‘In de toekomst.’
‘Sam van Leeuwen,’ zei ze zachtjes en Jamie knikte.
Ze had geweten dat het Sam geweest was die hun bekeken had vanuit de bosjes. Ze had geweten dat hij het was.
‘Sam van Leeuwen,’ herhaalde hij haar woorden en knikte.
‘Jij kent hem ook, constateerde ze verbaasd.
Jamie lachte even, maar het was een gemaakte lach. ‘Ik ken hem ook. Wat is hij van jou? Jullie leken nogal close die keer dat ik jullie samen zag. Sam en jij. Nu zeg je vast dat ik het aan hem moet vragen, maar ik heb hem al een tijdje niet gezien. Wat mij betreft blijft dat trouwens ook zo.’
‘Hoe weet je zijn naam?’ vroeg ze in plaats daarvan. ‘Van die keer dat je bij het atelier was waar ik tekenles had?’
Toen ze die woorden uitsprak, realiseerde ze zich dat het woensdag was en dat ze haar tekenles vergeten was. Voor het eerst in haar leven. In al die jaren had ze misschien acht tekenlessen overgeslagen en dat was altijd door ziekte geweest.
De jongen haalde een hand door zijn rommelige haar en haar ogen werden automatisch naar de stip getrokken.
‘Nee. Ik ken Sam al een aantal jaar en we zijn niet elkaars beste vrienden, al is dat zacht uitgedrukt. Zijn vader is een hoge pief in de allerhoogste Raad: De Tijddraaiers. Zij besluiten wie er een Tijder wordt, wie er slaagt en wie er niet slaagt. Ik heb altijd vermoed dat Sam in de tijd kan reizen, maar ik heb er nooit een bewijs voor gezien. Tot nu toe.’
‘Jullie kunnen toch vrienden zijn in 2017,’ opperde Isa.
Jamie lachte opnieuw dat vreemde, hoge lachje en hij schudde zijn hoofd.
‘Dat is absoluut onmogelijk, Isa. We haten elkaar. Sam haat mij, omdat ik meer aandacht krijg van meisjes en omdat ik beter ben in Tijdwandelen. Hij haat me ook, omdat ik meer geld heb dan hij heeft. Eigen geld. ‘
‘Beetje oppervlakkige reden om elkaar te haten, vind je niet?’ vroeg Isa en ze dacht aan de enige keer dat ze bij Sam thuis geweest was, aan het grote huis met meer dan genoeg kamers waarin de jongen woonde. Ze had het huis aan de Emmalaan vroeger weleens grappend vergeleken met een kasteel. Sam had gelachen en haar een stomp gegeven.
Het was in de tijd geweest voor ze hem gekust had, voor ze op dat stomme idee gekomen was om hem te kussen.

Zijn lange benen bungelden over de steiger, raakten bijna het water. Ze keek naar zijn benen, naar de donkere haartjes die steeds duidelijker werden.
’Heb jij weleens iemand gekust?’ vroeg ze toen en de jongen schudde zijn blonde hoofd.
’Nee. Jij?’
’Nee, maar ik ben nieuwsgierig.’
Daarop had hij zich naar haar toe gebogen en haar gekust. Het was een rampzalige kus vol kwijl geweest. Zoals alleen eerste kussen kunnen zijn. Slecht.

Jamie haalde zijn schouders op voor hij zei: ‘Nu heeft hij nog een reden om me te haten.’ Jamies stem bracht haar terug naar het heden, naar het nu.
‘O, ja?’ Ze keek hem verbaasd aan.
‘Ja, jij bent mijn vriendinnetje. In elk geval doe je alsof, maar dat weet alleen Alex. Kent hij Sam?’
Ze schudde haar hoofd.
‘Waarom haat jij hem?’
Jamie glimlachte een beetje somber. ‘Ik haat hem om precies dezelfde dingen als waarom hij mij haat. En omdat hij manipulatief is, je kan maken of breken.’
‘Je hebt mijn moeder en stiefvader bewerkt door een favoriete kaas en zonnebloemen mee te nemen!’ sputterde ze tegen. ‘Jij bent daar een meester in.’
‘Ik zou er mijn eigen studie van moeten maken en als ik klaar ben word ik Bachelor of Control,’ zei hij spottend. ‘Ik gebruik het om mijn eigen leven simpeler te maken, niet om dat van anderen te verpesten. Ik haat hem gewoon.’
Ze dacht aan Sam, aan de jongen die ze haar vriend noemde.
‘Hoe zeker weet je dat Sam in de tijd kan reizen en jullie het niet ergens bijleggen in de komende drie jaar?’
‘Niet.’ Hij roffelde met zijn vingers op het stuur. ‘Ik kan het me niet voorstellen, maar het zou kunnen. Er is altijd een kans dat we het bijleggen, maar het is logischer dat hij wist waar we heen gingen. Hij stond niet voor niets in de struiken.’
Jamie had hem dus ook al eerder gezien.
‘Hoe wist hij nu waar we heen zouden gaan?’
‘Je laat altijd een spoor achter van waar je heen gaat. Alleen de beste, meest geoefende Reiziger kan dat spoor vinden. Tijdreizen worden trouwens ook geregistreerd in je dossier.’
‘Hoe wordt dat geregistreerd?’
Hij tikte op haar vlek. Zijn vinger was warm.
‘Dat gaat automatisch. Het gaat vast weleens mis, maar ze hebben me niet gezegd hoe het zit met illegale tijdreizen. Waarom denk je dat ik alles weet?’
‘Je bent mijn mentor.’
Hij schudde glimlachend zijn hoofd. ‘Isa, ik doe dit ook pas drie jaar. Ik was ook zestien toen ik het ontdekte en dan is alles al verwarrend genoeg. Bij mij was het nog verwarrender met een carrière als acteur. Ik was in een vreemd land, een bommetje vol hormonen en ik dacht dat ik gek geworden was toen er een man naast me kwam zitten die me vertelde dat ik in de tijd kon reizen.’
Isa leunde voor hem langs en keek naar het huis waar ze nu een paar maanden woonde met de rest van het samengestelde gezin. Met de tweeling en hun vader. Met haar moeder en Nick.
‘Weet hij ook wie mijn vader is?’
‘Iedereen weet dat Resse een dochter had.’
‘Één dochter? Twee dochters,’ verbeterde ze hem. ‘Je hebt haar niet ontmoet, maar ik heb ook nog een zus. Waarom zou Lauren de tijdreizende dochter niet kunnen zijn?’
Hij haalde zijn schouders op. ‘Ik heb het alleen maar over de dingen die ik hoor. Dat soort dingen staan in een dossier. Het leven van elke Reiziger. Al weten maar enkele mensen waar die dossiers precies zijn. Alleen de hoogste mensen weten dat.’
‘De vader van Sam.’
Jamie knikte. ‘Zijn vader kan er waarschijnlijk bij en hij zal zijn zoon opgedragen hebben om jou te volgen om te zien wat er gebeurde. Waarschijnlijk heeft iedereen altijd al vermoed dat jij degene bent met het gen. Waarom denk je anders dat het toilet instortte toen jij daarbinnen was? Dat was zijn werk, Isa.’
‘Was dat geen constructiefout dan?’
Jamie keek haar verbluft aan. ‘Wie heeft je die onzin verteld? Nee, het was geen constructiefout. Het was een bom. Een doodgewone bom met een kort lontje. Het was vast zo eentje als in strips.’
Hij probeerde er een grapje van te maken, maar Isa zag er niets grappigs in. Blijkbaar waren er mensen die haar dood wilden hebben en hadden dat geprobeerd… met een bom.
‘Dat is niet leuk, Jamie,’ mompelde ze en ze beet op haar lip. Ze voelde tranen in haar ogen opwellen. ‘Iemand wil me dood hebben en jij maakt grapjes.’
Hij keek haar nu aan en ze zag spijt in zijn ogen voor hij het zei. Ze wilde haar hoofd wegdraaien, maar iets in haar hield haar tegen.
Hij veegde voorzichtig een traan weg.
‘Mijn oudste vriend is een bedrieger die me dood wil,’ mompelde ze. ‘En hij weet wat ik kan.’
‘Isa.’
‘Straks voeren Iris en Carly ook nog iets in hun schild. Dat zijn tenslotte ook mijn vriendinnen!’ Ze hoorde de heftigheid in haar stem en de hysterie. Waarschijnlijk had ook zij dat trekje van haar moeder gekregen. Misschien ook wel haar moeders psychische gesteldheid, dat labiele.
‘Isa!’ Hij draaide haar hoofd voorzichtig naar hem toe.
Het was zijn rechterhand die haar hoofd vasthield en haar ogen gingen naar de stip die hij nu niet verborgen had onder een laag plamuur.
Zijn blauwe ogen waren vlakbij, net als zijn neus en lippen. Ze kon hem kussen als ze dat zou willen. Ze voelde zijn adem en sloot haar ogen toen ze zei: ‘Hij weet dus alles van ons?’
‘Alles.’
Ze keek hem aan en hij keek terug. ‘Kunnen we dat dossier niet stelen?’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

CommentLuv badge